In de voorbije weken stond de media vol van reacties op het interview dat Assuralia had gegeven over  de onhoudbaarheid van het wettelijk opgelegde rendement van de groepsverzekering. Een genuanceerd verhaal in deze is meer dan ooit in het belang van alle betrokken partijen…

Een kwaliteitskrant publiceerde na het bewuste interview  een misleidend artikel op haar voorpagina alsof de verzekeraars het rendement op de groepsverzekering wilden laten zakken tot 0,4 %, waar nu 3,25% of 3,75 % gewaarborgd zijn.  De reacties lieten uiteraard niet op zich wachten.  Vakbonden en politici reageerden verontwaardigd over de roofbouw die de verzekeraars pleegden op de reservekapitalen in de tweede pensioenpijler.

Wat is er nu precies aan de hand?  De Wet op de Aanvullende Pensioen van 2004 heeft voor de groepsverzekeringen een gegarandeerd rendement vastgelegd van 3,25 % op de werkgeversbijdragen en 3,75 % op de werknemersbijdragen. De wetgever legt deze rendementsgarantie echter op aan de werkgevers: niet de verzekeraars maar de werkgevers garanderen het aanvullend pensioen.   Dit wil zeggen dat een werknemer die op het einde van zijn loopbaan tot de conclusie komt dat hij het beloofde  rendement over de ganse looptijd van het contract niet haalt,  bij zijn (ex-)werkgever mag aankloppen om het saldo bij te passen. De verzekeraars engageren zich enkel  om hun best te doen een zo goed mogelijk resultaat neer te leggen.

Tot nu toe was er geen echt groot probleem omdat de hogere rendementen uit het verleden de lage rentevoeten die nu al jaren gelden, compenseerden (waarmee we de vraag naar waar de reserves uit het verleden naar toe zijn, al voor een deel beantwoorden).  Wat Assuralia wilde bekomen was de beleidsmakers, en in dit geval op de eerste plaats de sociale partners, erop wijzen dat er dringend iets moet gebeuren met de gegarandeerde  rentevoeten, die in 2004 misschien realistisch waren maar in deze tijden van deflatie hoegenaamd niet.

Want wat is het alternatief?  Onverantwoorde risico’s nemen met het spaargeld van de werknemers? Toen enkele jaren geleden bleek dat de banken gigantische  risico’s hadden genomen om hun cliënten mooie  rendementen aan te bieden, waren zij die nu moord en brand schreeuwen de eersten om deze laakbare praktijken (terecht) aan de kaak te stellen.  Nu de verzekeraars verwijten dat ze “slechts” marktconforme rendementen aanbieden  is misschien een mooie scope in een krantenartikel of voor een praatprogramma, maar is misleidend en brengt niets bij aan dit dossier.  Net nu dat de tweede pijler moet uitgroeien tot een zeer belangrijk instrument om de wettelijke pensioenen aan te vullen tot een aanvaardbaar peil, is het onverantwoord de werkgevers af te schrikken om te investeren in een pensioenplan voor hun werknemers.  Met een realistische rentevoet aan te bieden op lange termijn kan het vertrouwen van zowel werkgevers als werknemers hersteld worden.  Er is niet veel tijd te verliezen.

Maak kennis met VHS Verzekering