Voor veel vennootschappen die een eigen wagenpark beheren, kan het interessant zijn om deze bedrijfswagens met eigen middelen te kopen of een financiële leasing aan te gaan. Deze bedrijfswagen kan men later doorverkopen en de meerwaarde die men realiseert bij verkoop hoeft dan ook niet onmiddellijk volledig belastbaar te zijn in de vennootschapsbelasting (art.47 WIB1992). Het gaat hier over personenwagens, minibussen of auto’s voor dubbel gebruik. De vennootschap kan kiezen om deze meerwaarde gespreid te laten belasten over latere boekjaren. Voor bedrijfswagens voor goederen- of personenvervoer is er nog een extra andere regeling uitgewerkt. (art.44 bis WIB1992)

Aan welke verplichtingen moet de vennootschap dan voldoen?

1. Meer dan 5 jaar in de onderneming aanwezig

De 5-jarige bezitsduur wordt van dag tot dag berekend en loopt vanaf de dag dat de investeringsgoederen werkelijk in het bezit zijn gekomen.

2. Wederbeleggingsverplichting

Bij de verkoop van een bedrijfswagen heeft de vennootschap 3 jaar de tijd om te herinvesteren in afschrijfbaar vast of immateriële activa.  De kan een bedrijfswagen zijn maar mag ook een machine zijn of een ander actief. De termijn begint te lopen vanaf de eerste dag van boekjaar waarin de verkoop is gerealiseerd.

Speciaal bij een personenwagen is dat niet de volledige verkoopprijs moet herbelegd worden maar slechts de verhouding van de verkoopprijs waartegen de meerwaarde belastbaar is. Als u bijvoorbeeld een bedrijfswagen die slechts voor 75% aftrekbaar is, verkoopt, dan is de meerwaarde ook maar voor 75% belastbaar en moet u ook slechts voor 75% van de verkoopprijs herinvesteren.

Bij een aankoop van een bedrijfswagen moet u ook hier dezelfde principes hanteren dat het aankoopbedrag dat dient ter dekking van de te herinvesteren verkoopwaarde slechts in rekening wordt genomen voor de fiscaal aanvaarde afschrijvingen. Ook een financiële leasing van een bedrijfswagen komt hiervoor trouwens in aanmerking.

3. Werking gespreide meerwaarden

De meerwaarde wordt pas belastbaar vanaf het moment dat er op de vervangingsinvestering wordt afgeschreven. Stel dat u over 5 jaar afschrijft dan wordt de meerwaarde jaarlijks voor 20% belastbaar.

Uitgewerkt voorbeeld

Een kleine vennootschap verkoopt op 15/11/2016 een personenwagen voor 15.000 euro. De personenwagen is aangekocht op 01/10/2011 voor 50.000 euro en volledig afgeschreven. Aftrekbare afschrijvingen 75%. We houden geen rekening met de BTW.

De vennootschap koopt een nieuwe wagen op 20/01/2017 voor 20.000 euro via een financiële leasing die op basis van de CO2-formule voor 80% aftrekbaar is. Leasing 5 jaar.

  1. Herinvesteringsverplichting verkoopwaarde: 15.000*75%   :      11.250 euro
  2. Er wordt een nieuwe wagen geleasd voor 20.000*80%       :      16.000 euro
  3. Deel tot 11250 wordt in aanmerking genomen voor herinvesteringsverplichting
  4. De voorwaarde van herinvestering is voldaan!
  5. Meerwaarde belastbaar : 15.000*75%                              :      11.250 euro

De te belasten meerwaarde van 11.250 euro in boekjaar 2016 wordt voorlopig uitgesteld tot aan de herinvestering voldaan is.

Het deel van de meerwaarde dat in 2017 wordt belast: D=11250*2250/11250

D=2250 euro

Gespreid te betalen belastingen: 2.250*33.99%=765 euro i.p.v. 3.824 euro in 1 keer.

Dit betekent een uitstel van belastingen voor boekjaar 2016 van 3.824 euro en voor boekjaar 2017 een gedeeltelijke belasting van 765 euro.  Als u een vloot heeft van 30 bedrijfswagens en u verkoopt 20 wagens in een vervangingsjaar dan kan dit snel ettelijke 10.000 euro’s uitgestelde belastingen opleveren.

Voor meer informatie omtrent dit thema verwijs ik graag door naar uw huidig boekhoudkantoor. U vindt ook meer informatie op de website van de overheid.